Posts tonen met het label onverwerkt. Alle posts tonen
Posts tonen met het label onverwerkt. Alle posts tonen

vrijdag 3 juli 2009

hangen bij de Dirk

"Was ik maar 12" verzuchtte ik onlangs. En met overtuiging. Het lijkt me heerlijk om weer gewoon 12 te zijn, Je bent de oudste van de school, je hebt een grotemensenfiets en de wereld ligt aan je voeten. Je weet alles wat je moet weten, denk je, en de zomer duurt een eeuwigheid. Acht weken vakantie totdat je weer van voor af aan moet beginnen en weer de jongste van de school bent, opnieuw moet beginnen, je moet realiseren dat je niets weet van wat er in de wereld te koop is.
Nee, ik wil wel 12 zijn maar dan moet de zomer voor eeuwig duren. Ik ben stik jaloers op die kinderen. Als ik naar huis rij en moet remmen voor onoplettende kinderen die met natte haren terugkomen van het aangelegde strandje om de hoek en naar huis rijden om achter een bord eten te gaan zitten. De kleren worden gewassen, de rekeningen betaald.. Het enige wat ze moeten is opgroeien.

Het is wel grappig om, als je de kans krijgt, gesprekken te horen van die kinderen. Ik ving een flard op van een gesprek van schaamteloze meisjes die mij voorbij reden. Naja schaamteloos. ze bloosden wel toen ze zich realiseerden dat, toen ik de hoek om kwam ik kon horen dat ze het over sex hadden.. nou ja, sex, zoenen en knuffelen hoop ik.. Maar ze kwetterden onverschrokken door. Ik liep door, naar de snackbar. Daar, onder de Dirk in het dorp hingen nog meer kinderen. Die luid schreeuwend leeftijdsgenootjes begroetten die langsfietsten op weg naar iets in een school, een afscheid, een kinderdisco.. geen idee.

De telefoon ging, Een van de hangers haalde uit haar broekzak een ladyphone en danste in het rond zingende "ik wor lekker gebeheld". Alsof haar popularitiet afhing van de hoeveelheid inkomende gesprekken. ("ga maar op een helpdesk werken" beet ik haar ingedachten toe, "dan piep je wel anders". Ze nam luid schreeuwend de telefoon op. "NeeHee ik ben bij de Diruk" blafet ze haar moeder toe, zich niet bewust dat alexander Graham Bell uitgevonden had dat je niet hoefde te schreeuwen door de telefoon. Na opgehangen te hebben stuiterde ze wat rond en riep lelijke dingen over dat "domme kutwijf" wat me nou niet echt een mooie benaming voor moeder voorkwam.

Ze bleven even hangen bij de Dirk, ik keek verder. Binnen zaten twee jongens van dezelfde leeftijd die zaten te praten over het eten van de andere snackarette in het gebouw. Ze keken op naar de gastheer, de vader van een van de twee die het verhaal bekrachtigde met getuigeverklaringen over gigantische kotspartijen.

Twee meisjes die net op luidruchtige wijze waren begroet door het groepje hangers zaten fluisterend, net als ik, te wachten op wat komen ging: vet eten!

Het viel me op dat de reguliere Dirk hangers er niet waren. De scooterkentteraars die engig boos kijkend net voor je neus spugen als je langsloopt. Die niet aan de kant gaan want dat is stoer. De stoere jongens waren er niet. Zouden ze verjaagd zijn door het gekwetter? Toen mijn cholestorol in een zakje was gedaan keerde ik huiswaarts en vroeg mij af wat er nou leuk was aan hangen bij de Dirk.

Ik dacht terug aan mijn groep 8 zomer. We trokken met onze fietsen van plek naar plek. Speeltuintje zus, strandje zo (al was het strandje na 6en geclaimed door onze variant op de enge jongens). Als je de club kwijt was kon je een kort rondje door het dorp doen om ze te vinden. Een rij nieuwe fietsen en ene kluwe kinderen die door de groeispurten in net te grote, net te kleinde of gloednieuwe kleren rondliepen. We hingen. we spraken over wie waar naar school ging, wie wat ging worden. En we droomden van een zomer die nooit op zou houden.

De Jeugd is anders dan vroeger. Wij hadden geen mobieltjes, en zakgeld was na 1 bezoek aan een snoepwinkel op. Deze kinderen zijn vermogend. hebben ieder een computer, "Wat? geen laptop? maar iedereen in mijn klas heeft een laptop!", een mobiel en geld te over. Toch missen ze het vermogen om zich te organiseren en hangen maar bij de dirk omdat iedereen daar wel een keer langskomt. De centrale plek in het dorp.

Ik zag de enge jongens opdoemen. Blijkbaar had iemand de combinatie nylondraad en bamboe geintroduceert want zo stil had ik die gasten nog nooit gezien zittend op een bankje aan het water. Een voorschot nemend op hun bejaardheid. "Niet zo snel jongens" dacht ik nog. voor je het weet schrijf je een melancholisch blogje over hoe je zo graag weer jong wilde zijn.. Eeuwig 12.. en dan maar hangen bij de Dirk

maandag 8 juni 2009

Moeders hou je dochters binnen

De kermis is weer in het dorp.

In het slaperige vleuten waren de 10 atracties weer neergestreken voor de jaarlijkse kermis. Leuk zo rond de uitkering van het vakantiegeld. Kinderen willen spontaan auto's wassen, zijn weer lief, en willenniets liever dan rondje na rondje in de draaimolen, spin, zijwaartsdraaiend eng ding en botsauto's. Bakvissen doffen zich op en tonen met het laagst uitgesneden topje dat ze voorbij de keurende blik van moeders kunnen smokkelen hun hoop voor de toekomst aan de vers gekapte stoere jongens. De stoere jongens vallen in het niet bij de mannen in spé van de botsauto's en spin, die met onevenredig grote sleutelbossen en ditto schakel armbanden de eksters uit het dorp de ogen uitsteken. De meisjes, het archetype van oerman (ten onrechte) herkennend zwermen om de mannen en jongens heen en menigeen zal voor de eerste keer gekust, bevoeld of zelfs gekend worden. Brave huisvaders slepen hun gezin, altijd minstends een uur te kort, langs alle pedagogisch verantwoorde familie atrakties. Zij falen in het schieten van een beer, bestellen de verkeerde nougat bij de suikerspin dame, die zo heet vanwege haar kapsel en niet om haar koopwaar want dat standje staat verderop, grijpen net naast de imitatie iPod trekken een barbie voor hun zoon en een pijl en boog voor hun dochter. Zij horen niet meer bij de stoere jongens en zijn hun link met het archtype voor altijd kwijt! Hoewel iedereen zijn best doet om het moment te grijpen en te bewaren en ongeremd te genieten zie je de uitgeblustte blikken, als van gekooide wilde dieren, van het kermisvolk. In elk dorp is iedereen enthousiast met hun komst behalve zij zelf. Ze doen overal hetzlelfde, ze draaien hun rondjes, roepen door de microfoon "haal die muntjes aan die kassa Come On" en drukken zuchten op de knop om de halfgevulde attractie weer te starten.


Kortom, kermis is troosteloos, woest en ledig.

Vorig jaar gingen we naar de kermis met de Visjes. Dit jaar konden we ons beperken tot de povertjes (de serveerster vond ons echt irritant omdat we de grote portie, die als normaal op de kaart stonden, te klein vonden en daarom povertjes noemden in plaats van poffertjes). Het jaar dat we wel gingen botsten we te vaak tegen een meneer met een MocroMohawk kapsel. Je kent dat wel. Aan de zijkanten opgeschoren en als de pizzakoerierfooien mee waren gevallen met motiefje, en van boven wat langer naar achter uitlopend in een OpelManta coupe. Een Mat dus. Dit heerschap botste tegen moeders met kleuters, eerdergenoemde bakvissen, andere Mocro's en tegen ons. Dit gebruik makend van alle beschikbare ruimte in de botsauto en hangend aan zijn stuur met gestrekte arm en een hand aan de kin alsof hij nadacht over existentiele filosofische vraagstukken. Botste je tegen hem dan werd hij woest. Moest je dan lachen dan werd hij nog woester. We vermeden hem, ontweken zijn futile poginen om ons de baan af te rammen en frustreerde hem dus enorm. Het was Humor. Op de één of andere manier kwamen de zelfde types op de baan en wij kozen eieren voor het geld en smeerde hem. Hij riep nog iets over doodmaken.. Hem ontging dus, ondanks zijn overpeinzingen het principe van de bots-auto.

Vreemd. Vroeger was kermis nog gewoon leuk. althans in het begin. Later werd er gevochten op de botsautobaan bij ons voor de deur (dat dat ding daar stond was tot ergernis van mijn moeder) maar het begon lief.

Als ik vanaf de lagere school naar huis liep stonden er ineens die grote vrachtauto's en die caravans. Die stonden er niet voor niets. De kriebel in mijn buik begon. De botsauto's kwamen. De grijpkranen, draaimolen, snoeptent, schiettent en overige meuk werden vergeten en alleen bezocht wanneer mijn vader zijn huisvader plicht deed en ons als gezin meenam. De stoere jongens uit de buurt die er vroeg genoeg bij waren mochten meehelpen. Plankjes uitleggen, sjouwen met dingen die eigenlijk te zwaar waren en later zelfs op het dak van de attraktie het zeildoek slepen. Gaaf! Mijn moeder was in tranen! Mijn mooie dure "echte" jeansbroek was vernield. Maarja, ik kon toch niet in de typische jaren 80 corduroy broek meehelpen. Dat was niet stoer. Als dank voor de hulp kregen we, als het niet te druk was, het felbegeerde sleuteltje. Daarmee mochten we, als er wagentjes vrij waren parkeren. Dat was heel stoer. Alsof we nooit anders deden racede we rond hangend aan de palen die de hoogspanning boven ons hoofd verbonden met de electromoteren in de wagentjes en sprongen van wagen naar wagen om de verweesde voertuigjes veilig terug te brengen.

Wij waren de stoerste mannen van het dorp. Kleinere jongens, of de jongens die wel, leunend op hun crossfiets keken maar niets deden keken naar ons op. Grotere jongens probeerden ons tegen de schenen te rijden. Wij waren koningen van het dorp. Te jong en te blue om naar de meiden om te kijken die ons aangaapten. Later probeerde we meisjes mee te nemen in de botsauto's wat ons op strenge blikken en soms zelfs dreigen met de bel kwam te staan.. Want dat mocht toch niet. Heerlijk in de lucht van de overgeparfumeerde bakvissen van een dorp verder, want meisjes uit je eigen dorp.. dat zijn meisjes dus naar! Onbewust van de status van die meisjes chaufeerden we die dames rond. De één bekend als degene die met haar borsten uit het raam hing en de ander bekend als sloerie for no obvious reasons maar ze kwam uit de stad dus dat zei genoeg..

Dan was het ineens weg. De kermis die bijna een week had moeten opbouwen, drie dagen draaide, was in een nacht verdwenen. verpakkingen van goedkoop chinees speelgoed, zakjes van de oliebollen, zaagsel van knalerwten lagen als stille getuige in de modderpoel waar zich enkle nog het silhouet van de kermis aftekende. Met de kermis was ook mijn status verdwenen. Ik was gewoon weer die slappe sukkel. Weer een jaar wachten.

Met de jaren kwam ook het gebrek aan tijd en zin om te helpen en droogde het gevoel een beetje op. Zeker toen mijn moeder stierf. Tussen het moment van sterven en de begrafenis stond de kermis ineens daar. Op goed vrijdag stond de kermis stil en reden we naar het lege huis vol herinneringen. De donkere kermis stond daar als verstild voor onze deur. Alsof ook de kermis gestorven was. Een uitgestorven kermis komt eng over! De dreigende overhangende uithangborden, de gedoofde lampen die wel de straatlantaarns reflecteerde, de afgedekte plastic dieren van de draaimolen leken zo uit een Hitchcock film te komen.

Nooit heb ik meer kunnen genieten van de kermis. Het sprookje bestaat niet meer. De droom is ontluisterd net als sinterklaas als je er achterkomt dat je jarenlang bedrogen bent dat het slechts een dun schilletje is rond heel veel leegte.

Ik kijk uit naar volgend jaar en wil er eigenlijk op een bankje gaan zitten en mensen kijken. Mensen die niet zien dat de keizer naakt is. Dat ze genieten van veel vorm en leegte.

donderdag 23 april 2009

Het is beter om je vrienden maar te mijden

Gisteren ben ik wezen eten met een groepje mensen uit een mistig verleden. Naja mistig.. Nu is heel wat mist opgeklaard. We zijn (op Maver na) dertig (of ouder) en volwassen..

Boudewijn de Groot schreef over vrienden van vroeger:

Het is dus beter al je vrienden maar te mijden,
ze veranderen snel en zijn niet meer als toen.
Maar denk in godsnaam niet dat we er al zijn,
er moet zowel het een en ander nog gebeuren.
En het blijft vechten hoewel de anderen niet ophouden met zeuren
dat het vroeger beter was, zo rustig en zo fijn.
Dat zijn je vrienden die eertijds altijd zeiden
dat zij het later anders zouden doen.
Ze wilden zich van elk gezag bevrijden.
Nu doen ze niets, ze houden hun fatsoen.
Het is dus beter deze vrienden maar te mijden,
ze veranderen snel en zijn niet meer als toen.
Morgen is het weer zoals vandaag
het lijkt veranderd, maar jullie weten beter.
Al wordt de grond intussen onder jullie voeten heter,
jullie rekenen niet af, je bent te traag.
Er is gezegd er komen andere tijden,
er is gevochten voor een nieuw fatsoen.
Er is niet geluisterd naar wat anderen zeiden,
ik heb geen zin het nog eens over te doen.
Daarom heb ik besloten jullie maar te mijden,
jullie zijn hetzelfde, geen vrienden meer als toen.



En ik ben het gedeeltelijk met hem eens. Begrijp me niet verkeerd ik heb echt in geeen tijden zo gelachen en zo'n leuke avond meegemaakt. Maar het blijven vrienden van vroeger.

Kijk, Dit zijn ze (op 1 na)



toen waren we 44 (bij elkaar opgeteld) nu zijn we 89 (bij elkaar opgeteld)
We waren toen een combinatie van:

twee lieve kleine meisjes
twee pseudo stoere jongens
twee stelletjes
2 evangelische 1 gereformeerde 1 baptist
2 hebben op een kinderkoor gezeten
3 van de vier hebben op Johannes Calvijn gezeten alle vier hebben op "de willem" gezeten..
we waren allen recalsitrant.
1 at uit pannetjes uit de poppenhoek
1 bevuilde de bank van de ouders van zijn vriendinnetje met pen
2 vielen iedereen lastig met Ome Henk
2 deden aan toneel

wat is er van ze geworden.

1 is gereformeerd met emerging inslag
1 is baptist
1 shopt een beetje
1 is nietsist
3 van de vier zijn getrouwd
3 van de vier hebben spijt van een of meer relaties uit het verleden
1 heeft een kind
1 is als maagd het huwelijk in gegaan
1 is gescheiden
2 hebben een relatie gehad met een moslim
1 is journalist
1 is dramadocent
1 is reisadviseur
1 is it-er
1 is cabaretier
1 is tienerleider

Wat ons trok in elkaar was de spontaniteit, het opstandige tegen de wereld en het niet geaccepteerd worden door de rest. Ook al waren sommigen in meerdere of mindere mate populair. De klik is er nog steeds. Vanaf het moment dat we, als verrassing voor MC binnen stapten was het weer raak, lachen en nog nooit is er zoveel door elkaar heen gepraat als nu bij Gusto.

Met de verhalen zal ik niemand lastigvallen. Die zijn te prive, vereissen teveel voorkennis of zijn te oud om nog in de tijdgeest van vandaag te passen. Met de conclusie kan ik u wel verblijden. We zijn veranderd maar nog steeds dezelfde. We doen dit vast nog wel eens.. maar niet te snel. De mist van je verleden op laten trekken is louterend, vermakelijk, soms pijnlijk. Eerlijk zijn over de ander kan confronterend zijn en het is bijna surrealistisch om als twee vrienden van vroeger je twee ex vriendinnetjes van vroeger op te zoeken.

De mist, of roze wolk, van vroeger verhulde dat die zomer geen jaren heeft geduurd. De keuren kunnen dus wat minder helder ingesteld worden. De drank, de roes van verliefdheid en de puberale overmoed is grappig om op terug te kijken en te relativeren (je bent niet voor niets 30) dat het "ooit was" en nooit meer zo zal zijn. Die illusie heb ik niet, nooit gehad en zal ik ook nooit hebben. Als we volgend jaar weer afspreken zal ik wel gaan, het lijkt me ook leuk om de ouders van MC, MB en MV weer eens te zien en om alle partners die ik niet of nauwelijks ken te ontmoeten en op de hoogte te blijven van zwangerschappen. Maar of we dikke vrienden zullen worden en blijven.. dat denk ik niet


Het is misschien beter om de vrienden maar te mijden,
ze zijn hetzelfde maar het wordt NOOIT meer zoals toen!

woensdag 1 maart 2006

Bijna lente.. en weer een nieuw geluid

Tjonge. Wat een raar gevoel verhuizen naar 1 deur verder. Ik kan me de vorige verhuizingen goed herinneren.. dat waren ook vaak vreemde momenten.

Van huis, onder moeders rokken vandaan, naar België. Studeren en grote plannen. Een jaar later moede(r)loos alleen in België. Wat begonnen was met een kofferbakje vol spullen was alweer gegroeid. Vooral met veel boeken.. Maar verhuizen hoefde alleen intern.

Later verhuizen naar de overkant. Naast mijn ex (toen nog verloofde).. Toen in hetzelfde pand naar beneden.. Een "studio" betrokken met eigen keuken en zonder nare buren.

Vertrokken naar een echt huis. Een Penthouse op de 9e verdieping van een witte flat met veel marmer. De opkomende zon boven Heverlee Bos. Uitkijken over de Philps site, Leuven centrum en de abdij van Park. Nu een heleboel IKEA meubels rijker met een 4tien verhuisd. Een verhuislift langs de gevel en verhuizen maar.

Terug naar Nederland, Een baan in Rotterdam maar nog geen huis.. dus met vrouw en al inwonen bij vaderlief.

Toen de spullen vanuit de garage van Pa naar een huis in strijen. Nog meer Ikea meubels (soms krijgertjes) een stapel witgoed, een TV, DVD en heel veel computers.

Toen de spullen in de opslag en de bagage van een scheiding in mijn mentale rugzakje. Via een kamertje (een halve) op de Lindenhorst naar een kamer in een klooster in Vleuten. De dag dat ik de deur achter mij dicht trok na de verkoop van het huis deed me pijn. Mijn hart brak. Ik wilde, toen ik naar mijn vader reed via een toeristische route langs de Binnenmaas, mijn auto in het water rijden en verzuipen.

Nu van het ene stukje klooster naar het andere. Van één naar twee kamers.
Er gloort hoop. Nog 4 maanden en ik woon daar samen met mijn vrouw. Een baan die me nog net niet boven het hoofd groeit, een kerk die me kan gebruiken een fantastische vrouw die me aanvult.

Nu alleen nog wat rommel opruimen. Oude computers, oude boeken, slechte cd's, oude kleren.

Een beetje inzet voor een nieuwe lente!

Gorter leeft!